woensdag 21 juli 2021

Met dank aan corona Deel 1, 2, 3,

 Met dank aan corona (deel 1): onderzoek naar daten zonder ontmoeting

De coronacrisis is een gigantisch experiment, vanuit wetenschappelijk oogpunt dan. De omstandigheden waarin we nu leven zijn uniek. Stille straten, mensen die wekenlang op elkaars lip zitten, een schonere lucht, je handen ontelbare keren wassen, om maar eens wat te noemen. Veel wetenschappers grijpen de kans om juist nu onderzoek te doen. Zoals Elisabeth Timmermans, die wil weten wat de coronacrisis met ons liefdesleven doet.


Door de uitbraak van het nieuwe coronavirus moeten we ineens allemaal zoveel mogelijk binnenblijven. Hoe date je als je elkaar niet mag ontmoeten? En wat doet het met je relatie als je 24 uur per dag met je partner thuis zit? Dat vroeg onlinedate-onderzoeker Elisabeth Timmermans van de Erasmus Universiteit Rotterdam zich af.

Samen met acht andere wetenschappers, onder andere van de Britse University of Essex, heeft ze een online onderzoek uit de grond gestampt. Dat gaat over daten en relaties. Iedereen boven de achttien kan meedoen.

Date zonder ontmoeting

Timmermans zelf is vooral geïnteresseerd in hoe mensen daten als ze elkaar niet mogen ontmoeten. 'Normaal gesproken beperken de meeste mensen zich op datingapps, zoals Tinder, tot mogelijke partners die relatief dichtbij wonen. Maar als je elkaar toch niet kunt ontmoeten, kijken ze misschien wel een stuk verder, zelfs over landsgrenzen.'

Na een tijdje chatten wil je toch checken of iemand wel is zoals hij zegt dat hij is.

Videodaten was vóór het coronatijdperk helemaal niet populair. Timmermans: 'Je ziet jezelf de hele tijd. En je vindt niet altijd dat je er heel flatteus uitziet op video. Maar nu gaan mensen waarschijnlijk toch vaker videodaten. Je wilt na een tijdje chatten toch checken of iemand wel is zoals hij zegt dat hij is. Ik ben heel benieuwd wat mensen van videodaten vinden.'

Na twee weken chatten, ga je iemand idealiseren

Normaal gesproken is het verstandig om binnen twee weken af te spreken als je online een match hebt, weet Timmermans. 'Als je langer dan een paar weken chat, maak je een geïdealiseerd beeld van iemand. Als je dan in het echt afspreekt, kun je heel makkelijk afknappen op kleine dingen. Bijvoorbeeld dat je date helemaal niet klinkt zoals je had gedacht.'





















Dater wordt creatief

Maar hoe gaat het nu verder na een paar chat- of videogesprekken? En blijven die gesprekken op afstand ook interessant? Timmermans: 'Diepgang hebben in je date-gesprekken is heel fijn, maar dat kan natuurlijk niet de hele tijd. Je hebt soms een luchtige afwisseling nodig. Hoe krijgen daters dat nu voor elkaar? Hoe creatief worden ze?'

'Ze dagen elkaar uit met opdrachtjes, bijvoorbeeld om een yogavideo na te doen. Zo leren ze elkaar ook iets beter kennen. En hoe drijf je de spanning op als je elkaar niet mag zien? Ik heb al leuke dingen gehoord, zoals ‘schrijf een erotisch verhaal en mail het of stuur het op via de post’.

Wordt videodaten het nieuwe daten?

Timmermans is natuurlijk ook benieuwd hoe deze veranderde manier van daten over een paar maanden uitpakt. Misschien blijkt videodaten wel een heel behulpzame datevorm. Timmermans: 'Vooral mannen moeten vaak een drempel over om te gaan speeddaten. Videodaten is voor hen misschien makkelijker. Dat kan bovendien gewoon vanuit je eigen huiskamer.'

Mannen moeten vaak een drempel over om te gaan speeddaten. Videodaten is makkelijker.


Relatie onder de loep

Wie al een relatie heeft, kan ook meedoen aan het onderzoek. Timmermans: Hebben partners nu meer seks omdat ze de hele tijd samen zijn of juist minder? Verandert de taakverdeling binnen het huishouden en de opvoeding als beide partners evenveel thuis zijn? Ervaren partners meer ruzie en frustraties?

In de stad Chinese stad Wuhan, waar de uitbraak van het nieuwe coronavirus begon, is het aantal scheidingen na de lockdown fors gestegen. Timmermans: 'Dat heeft waarschijnlijk te maken met die tijd in quarantaine. Als dat zo is, kunnen we dat met dit onderzoek daadwerkelijk aantonen. En welke factoren spelen dan precies een rol?'

En misschien komen sommige stellen juist wel nader tot elkaar door het gedwongen samenzijn. Timmermans: 'Dat is dan mogelijk een teken dat je juist veel quality time met elkaar nodig hebt om samen een goede relatie te hebben.'

Doe mee aan dit onderzoek

Wil je meedoen aan dit Engelstalige wetenschappelijk onderzoek? Dat kan hier:






Met dank aan corona (deel 2): gedragen wilde dieren zich anders als het minder druk is in het bos?

De coronacrisis is een gigantisch experiment, vanuit wetenschappelijk oogpunt dan. Stille straten, mensen die wekenlang op elkaars lip zitten, je handen ontelbare keren wassen: wetenschappers onderzoeken de unieke omstandigheden. Zoals Patrick Jansen. Hij wil weten hoe dieren reageren op de plotselinge rust in Het Nationale Park De Hoge Veluwe.






















Wilde dieren zijn niet erg dol op mensen. Zodra ze ons in de smiezen krijgen, maken ze zich uit de voeten. Zo ook het wild in Het Nationale Park De Hoge Veluwe. Maar sinds de coronacrisis zijn daar een stuk minder mensen te vinden. Wat vinden de dieren van die rust?

Tijdens de openingstijden komen er minder bezoekers dan normaal naar dit nationale park. Bovendien gaat het park een uur later open en vier uur eerder dicht. De dieren hebben nu dus vijf extra mensvrije uren per dag.

Wildcamera reageert op warmte

Ecoloog Patrick Jansen van Wageningen University deed al onderzoek in het nationale park. Sinds 2013 staan er ruim vijftig wildcamera's in het omheinde natuurgebied. Zodra er een dier van enige afmeting (formaat haas of groter) langskomt, detecteert een sensor de lichaamswarmte en begint de camera foto's te maken. De camera stopt pas als het dier weer weg is.

Die camera's staan in zes verschillende soorten leefgebieden, zoals bos, open heide en stuifzandgebied. Bij elke opname registreren ze de tijd. Jansen: 'Zo kunnen we precies zien welke dieren op welke tijdstippen gebruikmaken van die plekken.'

Nachtdier wordt dagdier

'Veel dieren zoals wilde zwijnen, edelherten en reeën zijn grotendeels schemer- en nachtactief', vertelt Jansen. 'Maar deze dieren kunnen ook overdag actief zijn. Als ze tenminste nergens bang voor hoeven zijn. Dat weten we uit natuurgebieden waar bijna geen mensen komen.'


Toen in 2001 mond-en-klauwzeer heerste, een ziekte die gevaarlijk is voor onder meer vee en herten, was Het Nationale Park De Hoge Veluwe helemaal dicht. Jansen: 'Boswachters zagen dat schuwe beesten ineens ook midden op de dag door het open veld liepen. Maar deze gedragsverandering is nooit echt gemeten. We gaan kijken of we nu iets soortgelijks zien als er minder mensen zijn.'

Maakt het dieren uit hoeveel bezoekers er zijn?

Verschuiven de activiteiten van groot wild van de nacht naar de dag? Zoeken ze andere plekken op? Zijn ze minder alert dan anders? Dat laatste kun je zien aan het percentage dieren dat op de foto's alert met hun kop omhoog staat in plaats van omlaag om te eten.



Of maakt het ze allemaal niet zoveel uit? Jansen: 'Het zou kunnen dat een klein aantal bezoekers in hun leefgebied hetzelfde effect heeft op dieren als veel mensen. Dan verandert er voor hen niets.'

Help de onderzoekers een handje

De eerste foto's uit coronatijd worden nu geanalyseerd. Iedereen kan de onderzoekers daarbij van dienst zijn. Op de website Snapshot Hoge Veluwe kun je helpen met het identificeren van de dieren op de foto's.





Met dank aan corona (deel 3): worden we lui als we thuiswerken?

De coronacrisis is een gigantisch experiment, vanuit wetenschappelijk oogpunt dan. Stille straten, mensen die wekenlang op elkaars lip zitten, je handen ontelbare keren wassen: wetenschappers onderzoeken de unieke omstandigheden. Zoals hoogleraar inspanningsfysiologie Maria Hopman van Radboudumc. Zij zoekt uit wat maanden thuiswerken doet met onze wil om te bewegen.



















Veel mensen hebben hun dagelijkse wandeling of fietstocht naar het station en kantoor ingeruild voor een wandeling van het bed naar de bank. Daar wordt zonder moeite de laptop opengeklapt, om die na afloop van de werkdag weer dicht te klappen. Misschien lopen we tussendoor een keer naar de keuken voor een kopje koffie of thee, maar die wandelingetjes vallen in het niet bij de stappen die we normaal zetten op de werkvloer.

Met andere woorden: veel beweegmomenten zijn sinds de lockdown verdwenen. En dat hoeft niet zo erg te zijn, als we ze maar compenseren. Maar doen we dat ook?

We zijn sinds de lockdown minder actief

Dat onderzoekt hoogleraar inspanningsfysiologie Maria Hopman. Al jarenlang ontvangt zij van 22.000 deelnemers aan de Nijmeegse Vierdaagse en andere wandelaars en hardlopers ingevulde vragenlijsten over hun beweegpatronen. Toen de lockdown begon, stuurde Hopman deze groep opnieuw vragenlijsten op.

'We wilden bijvoorbeeld weten hoe ze bewegen in coronatijd en of ze meer of minder zijn gaan slapen', aldus de onderzoeker. De eerste 4000 vragenlijsten die tijdens de eerste vier weken van de lockdown zijn ingevuld, zijn inmiddels geanalyseerd. En wat blijkt? Bijna iedereen beweegt significant minder.

Vooral thuiswerkers bewegen een stuk minder

Hoeveel minder je beweegt, lijkt met name te liggen aan je werksituatie. 'We maken onderscheid tussen drie categorieën', vertelt Hopman. 'De groep die werkloos is of met pensioen, de groep bij wie er niks is veranderd in de werksituatie en de groep die thuiswerkt (en die voor de lockdown naar zijn werk ging). Iedereen is minder gaan bewegen, maar het grootste verschil zie je bij de mensen die sinds de lockdown thuiswerken. Zij bewegen maar liefst twintig procent minder dan eerst.'

This content is imported from {embed-name}. You may be able to find the same content in another format, or you may be able to find more information, at their web site.

Dat heeft volgens Hopman alles te maken met het woon-werkverkeer dat weg is gevallen. Het uurtje dat je normaal gesproken standaard in beweging bent, moet je nu zelf compenseren. Dat doen we dus niet. En vergeet niet: de groep die Hopman ondervraagt, wordt gevormd door wandelliefhebbers met een actieve levensstijl. 'Het zou dus kunnen dat de gemiddelde Nederlander nog minder is gaan bewegen.'

Maar wie zijn dan al die joggers buiten?

Toch zie je om de haverklap weer een puffende jogger buiten rennen, of iemand zijn best doen op skeelers. Zijn we echt zoveel minder actief? 'Vergeet niet dat er normaal gesproken per uur van de dag honderden tot duizenden mensen in de sportschool staan', vertelt Hopman. 'Als iedereen die daar een alternatief voor zoekt, buiten zou sporten, dan zou het stervensdruk moeten zijn in de parken en op straat. En dat is duidelijk niet het geval.'

Daar komt nog bij dat er naast de sportschoolgangers ook thuiswerkers rond zouden moeten rennen om hun gebrek aan beweging te compenseren. Dus ook al lijkt het alsof er meer fluoriserende pakjes op straat te vinden zijn dan voor de lockdown, het zijn er lang niet genoeg.

Sinds de coronacrisis zijn we meer gaan slapen

Opvallend: we bewegen volgens het onderzoek minder, maar we slapen meer. 'Zo'n dertig procent van de thuiswerkers is meer gaan slapen. Dat komt ongetwijfeld omdat ze nu geen reistijd meer hebben', aldus Hopman. Het lijkt erop dat we een lui volkje geworden zijn sinds die lockdown.

This content is imported from {embed-name}. You may be able to find the same content in another format, or you may be able to find more information, at their web site.

'De mens is van nature liever lui dan moe', aldus Hopman. 'Dat maakt deze situatie ook zo lastig. Mensen die naar hun werk moeten, komen vanzelf in beweging. Maar als dat niet hoeft, zie je dat de motivatie om te gaan bewegen bij veel van ons ontbreekt. Als dit patroon maar lang genoeg aanhoudt, gaat het straks heel veel daadkracht kosten om weer actief te worden en vroeg op te staan.'


Al dat stilzitten is niet goed voor de gezondheid

Maar is het echt zo erg, die luiheid? Het is misschien een van de zeven zonden, maar hoeveel kwaad kan dat bankhangen nou echt? Hopman: 'De norm is niet voor niets een half uur beweging per dag. Actief zijn is goed voor je weerstand en je immuunsysteem, en dat is nu ontzettend belangrijk.'

En vergeet ook de langetermijngevolgen van de lockdown op onze gezondheid niet. 'Stel je voor dat je nu veertig bent en niet meer genoeg beweegt. Dan kom je aan en gaat je conditie achteruit. Daarmee vergroot je het risico dat je na tien jaar een hartinfarct krijgt.'

Zijn we ook dikker geworden?

Dat we minder bewegen heeft Hopman met haar onderzoek dus bewezen. Maar zijn we ook al zwaarder geworden? 'Daar kunnen we nog niks over zeggen. Die vragenlijsten moeten we nog binnenkrijgen', aldus Hopman.

This content is imported from {embed-name}. You may be able to find the same content in another format, or you may be able to find more information, at their web site.

Aangezien de regel 'werk zoveel mogelijk thuis' voorlopig nog wel van kracht blijft, is de kans vrij aannemelijk dat we er een paar kilo bij gaan krijgen. Dus hup, ga nu maar gauw naar buiten voor een wandeling. 'Maar wel op afstand', voegt Hopman eraan toe.

 

Is koffie echt zo slecht voor je?

 Is koffie echt zo slecht voor je?

Koffie

Koffie zonder suiker past in een gezond eetpatroon volgens de Schijf van Vijf. Hoe beter de koffie gefilterd, hoe gezonder, want hoe minder cafestol er in zit.  In koffie gemaakt met een papierenfilter zit de minste cafestol. 

In koffie zit cafeïne. Gezonde volwassenen kunnen gemiddeld zonder problemen ongeveer 4 kopjes koffiedrinken per dag. Het advies aan zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven is om niet meer dan 2 kopjes koffie of 1 beker koffie te nemen op een dag. Voor kinderen onder de 13 is het advies geen koffie te nemen en voor jongeren tussen de 13 en de 18 jaar maximaal 1 kopje. In plaats van koffie met cafeïne, kun je ook kiezen voor cafeïnevrije koffie. Het advies aan zwangeren is om niet meer dan 2 kopjes cafeïnevrije koffie te nemen op een dag. 

Bij het kopen van koffie kun je letten op verschillende keurmerken, bijvoorbeeld voor eerlijke handel. Verder heeft koffie in vergelijking met frisdranken, vruchtensappen en alcoholische dranken een lage belasting op het milieu. 


Wat is koffie?

Koffie wordt gemaakt van geroosterde en gemalen koffiebonen. Koffiebonen zijn de gedroogde zaden van, meestal gefermenteerde koffieplantbessen.  De smaak van koffie hangt af van onder andere de soort koffiebonen, bijvoorbeeld Robusta en Arabica bonen, de kwaliteit van de bonen, het brandproces en hoe fijn de bonen gemalen worden. Ook de manier van zetten van de koffie heeft veel invloed op de smaak. Zo smaakt koffie gezet met een filter heel anders dan koffie uit een percolator of espressomachine. 

Cafeïne

Koffie bevat van nature de stimulerende stof cafeïne. Hoeveel cafeïne er in koffie zit, hangt af van de soort, de sterkte en de grootte van de kop of mok. In een kop van 125 milliliter koffie, gezet met een papieren filter in een koffiezetapparaat, zit ongeveer 85 milligram cafeïne.

Decaf

Koffie zonder cafeïne wordt decaf genoemd. Het kan worden gemaakt door gebruik van water, stoom, organische oplosmiddelen, of door het blokkeren van genen in de koffieplant zodat geen cafeïne aangemaakt wordt. Een kopje cafeïnevrije koffie is overigens niet helemaal cafeïnevrij. Het bevat nog 2 tot 4 milligram cafeïne. 

Koffievervangers

In koffievervangers, zoals Bambu, zit helemaal geen cafeïne. Meestal zijn ze gemaakt van geroosterde en gemalen cichoreiwortel, eventueel met zetmeelstroop, geroosterd voorgekiemd graan of mengsels van deze grondstoffen. Soms worden er ook granen, vijgen, noten, peulvruchten en gebrande suiker aan toegevoegd. Koffievervangers hebben een eigen smaak, die niet te vergelijken is met 'echte' koffie.

Is koffie gezond?

Ja, koffie zonder suiker staat in de Schijf van Vijf. Koffie voorziet je lichaam net als andere dranken van vocht. Het advies is 2 tot 4 koppen koffie op een dag. Kookkoffie en koffie uit een cafetière staan niet in de Schijf van Vijf omdat er veel van de stof cafestol in zit.    

Lager risico op ziekten 

Het drinken van 2 tot 4 koppen koffie per dag hangt samen met een ongeveer 10% lager risico op hartziekten. Ook is aangetoond dat een gebruik van 2 tot 4 koppen koffie per dag samenhangt met een ongeveer 10% lager risico op een beroerte. Daarnaast is er sterk bewijs dat het gebruik van 5 koppen koffie per dag in vergelijking tot geen koffie gebruik samen hangt met een 30% lager risico op diabetes type 2. Het verband is vergelijkbaar voor koffie met cafeïne en decaf. Uitleg over risico.

Cafestol verhoogt cholesterol

Bij koffie is het  belangrijk te kijken naar op welke manier deze is gezet. Hoe beter de koffie is gefilterd, hoe gezonder, omdat er dan minder van de stoffen cafestol en kahweol in zit. Deze stoffen verhogen het  LDL-cholesterol. Een teveel aan LDL-cholesterol in je bloed blijft plakken aan de binnenkant van je bloedvaten. Dat vergroot de kans op bijvoorbeeld een hartaanval of beroerte. 

In de onderstaande video legt Astrid Postma-Smeets, Expert Voeding en Gezondheid, eenvoudig uit welke manier van koffiezetten het beste is om zo min mogelijk cafestol binnen te krijgen. 

  

Cafeïne: negatieve en positieve effecten

Cafeïne in koffie geeft de meeste gezondheidseffecten. Het kan positieve en negatieve effecten hebben. Het heeft bijvoorbeeld een stimulerend effect op concentratie en prestatie, maar te veel cafeïne kan zorgen voor rusteloosheid, hoofdpijn en slaapproblemen.  Kijk voor meer informatie bij cafeïne

Is koffie veilig om te drinken?

Ja, in het algemeen is het gewoon veilig om koffie te drinken. Er zitten enkele stoffen in koffie die mogelijk schadelijk kunnen zijn, maar met de gemiddelde hoeveelheid koffie die Nederlanders drinken is dit zeer onwaarschijnlijk. 

Acrylamide

In koffie zit een kleine hoeveelheid van de stof acrylamide. Bij dierstudies is aangetoond dat acrylamide schadelijk is. Bij mensen kan een hogere inname van de stof mogelijk schadelijk zijn. Tijdens het roosteren van koffiebonen ontstaat acrylamide. De hoeveelheid acrylamide die uiteindelijk in de koffie zit die je drinkt, hangt af van hoe de koffiebonen gebrand worden, de soort koffie en de methode waarop de koffie gezet is. Robustabonen bevatten bijvoorbeeld meestal meer acrylamide dan arabicabonen. Oploskoffie-poeder en vooral surrogaatkoffie, dat meestal bestaat uit een mengsel van granen en cichorei, bevatten gemiddeld meer dan gemalen koffiebonen. Maar de hoeveelheid acrylamide die uiteindelijk in de koffie zit, hangt af van de hoeveelheid water die gebruikt is bij het zetten van de koffie. Verder moeten fabrikanten van koffie uit voorzorg maatregelen treffen om de hoeveelheid acrylamide te beperken. 

Cafeïnevrije koffie

Cafeïnevrije koffie kan worden gemaakt van koffiebonen waaruit vóór het branden de cafeïne is verwijderd. Dat gebeurt met zogeheten organische oplosmiddelen. Het is mogelijk dat resten van het oplosmiddel in de koffie achterblijven. Deze verdwijnen vrijwel helemaal bij het branden van de koffiebonen. Wat dan nog achterblijft in de koffie is zo weinig dat dat geen schadelijke gevolgen heeft.

In 1 onderzoek naar cafeïnevrije koffie werd gevonden dat bij zwangere vrouwen die 3 of meer koppen cafeïnevrije koffie dronken op een dag, het risico op een miskraam hoger was. Een enkel onderzoek is niet genoeg om een harde conclusie te kunnen trekken, maar uit voorzorg is het advies aan zwangeren om niet meer dan 2 koppen cafeïnevrije koffie te drinken op een dag. 

Lood in kraanwater

Heb je nog loden waterleidingen in huis, of weet je dit niet zeker? Laat door een expert uitzoeken of je nog loden waterleidingen in huis hebt. Laat deze dan zo snel mogelijk vervangen. Door loden waterleidingen kun je namelijk te veel lood binnenkrijgen. Gebruik water uit loden leidingen zo min mogelijk of niet voor eten en drinken, ook niet voor het zetten van koffie. Je kunt met water uit loden leidingen wel gewoon je handen wassen, afwassen of groente en fruit wassen. Of gebruik het bijvoorbeeld om de planten water te geven.   

Heb je nieuwe waterleidingen of kranen? Spoel de kraan dan eerst even goed door voordat je het gebruikt voor eten of drinken, waaronder het zetten van koffie. Gebruik het doorspoelwater bijvoorbeeld om je handen te wassen, af te wassen, om groente en fruit te wassen of om de planten water te geven.  

Meer adviezen over lood in kraanwater

Hoeveel koffie kan ik drinken?

Hoeveel koffie je gemiddeld kunt drinken op een dag hangt onder andere af van de manier waarop deze is gezet. Het algemene advies : drink vanwege de cafeïne niet meer dan ongeveer 4 kopjes koffie op een dag. Bekijk hieronder uitgebreidere adviezen. En lees je in over de verschillende manieren waarop koffie gezet kan worden.  

Bekijk de tabel met koffieadviezen voor zelfgezette koffie en koffie uit automaten. 

Welke adviezen gelden voor het drinken van koffie?

In het kort gelden deze adviezen voor koffie:

  • Een paar koppen koffie per dag, gemiddeld 2 tot 4, past in een gezond voedingspatroon. Wissel op de dag koffie af met thee, water en zuivel zoals melk.
  • Gezonde volwassenen kunnen ongeveer gemiddeld 400 milligram cafeïne per dag innemen zonder dat er negatieve effecten te verwachten zijn. Dat komt neer op maximaal ongeveer 4 kopjes koffie per dag.
  • Vanwege de cafestol geldt het advies om per dag niet meer dan 2 tot 3 kopjes espresso of koffie van cups te drinken, niet meer dan 1 kopje gezet met een cafetière en geen kookkoffie.
  • Voor kinderen onder de 13 geldt het advies geen koffie te nemen en voor jongeren tussen de 13 en de 18 jaar maximaal 1 kopje, vanwege de cafeïne.
  • Voor zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven is het advies om niet meer dan 200 milligram (mg) cafeïne per dag te nemen. Een kopje koffie van 125 milliliter bevat gemiddeld rond de 60 mg cafeïne, een kopje zwarte thee tegen de 30 mg en een kopje groene thee rond de 20 mg. De hoeveelheid cafeïne in koffie en thee kan wel heel wisselend zijn. Het advies is dan ook om voor de zekerheid niet meer dan 2 kopjes koffie of 1 beker koffie op een dag te nemen. Met alleen deze hoeveelheid koffie kun je namelijk soms al in de buurt van de 200 mg komen. Verder is uit voorzorg het advies aan zwangeren om niet meer dan 2 kopjes cafeïnevrije koffie te nemen per dag

Is koffie duurzaam?

Diverse koffiesoorten worden op de markt gebracht volgens de normen van eerlijke handel. Eerlijke handel zorgt ervoor dat boeren uit arme landen een eerlijke prijs krijgen voor hun product. Deze koffie is herkenbaar aan het keurmerk Fairtrade Max Havelaar. De keurmerken UTZ Certified en Rainforest Alliance houden ook rekening met de arbeidsomstandigheden.

Koffie heeft een lage belasting op het milieu. Het drinken van kraanwater is het meest duurzaam. Door het verwarmen of koken van het water voor het maken van koffie is er meer  impact op het energieverbruik. Maar de milieubelasting van koffie is veel lager dan die van frisdranken, vruchtensappen en alcoholische dranken. 


dinsdag 20 juli 2021

Vier psychologische 'weetjes' die continu worden doorverteld, maar helemaal niet waar zijn

 

Vier psychologische 'weetjes' die continu worden doorverteld, maar helemaal niet waar zijn

Mannen denken iedere zeven seconden aan seks, en tegenpolen trekken elkaar aan. Je hebt het vast wel eens gehoord, maar er klopt helemaal niets van.
















Op verjaardagsfeestjes wordt het ene na het andere 'weetje' doorverteld. Het zijn lekkere one-liners, maar vaak klopt er geen sikkepit van. We nemen een paar bekende verhalen onder de loep.

Mythe 1: tegenpolen trekken elkaar aan

‘We lijken totaal niet op elkaar’, hoor je partners weleens zeggen. Ideaal, want als je verschillende karakters en totaal verschillende hobby’s hebt, kun je het nog eens ergens over hebben en raak je niet verveeld in je relatie. Opposites attract, zoals ze in het Engels zeggen.

De waarheid? Binnen succesvolle relaties zijn partners min of meer elkaars spiegelbeeld. Een overeenkomend karakter helpt bij voorbeeld om langer bij elkaar te blijven, bleek in 2013 uit Duits onderzoek aan het GESIS Leibniz Institut für Sozialwissenschaften. Tussen 7000 koppels werd een sterke karakterologische gelijkenis vastgesteld. Hoe groter de overeenkomsten, hoe stabieler de relatie bleek te zijn over een termijn van vijf jaar.

Een andere studie (Purdue University, VS, 2009) liet zien dat vergelijkbare communicatiestijlen de succeskansen van een relatie verhogen. CBS-cijfers tonen bovendien dat koppels gewoonlijk hetzelfde opleidingsniveau hebben. Meer dan één opleidingsniveau verschil is al behoorlijk zeldzaam onder stelletjes. Leeftijdsverschillen dan? Grote verschillen verlagen de succeskansen van een relatie, constateerde het CBS in 2019. Vergeet die verschillen dus en wees blij als je partner precies even saai is als jezelf.

Mythe 2: Halverwege je leven beland je in een midlifecrisis

Rond je vijftigste realiseer je je dat het leven eindig is. Het beste ligt achter je, niet meer voor je. Het is het moment waarop vooral mannen een crisis doormaken, beschreef de Canadese psychoanalist Elliott Jaques in 1965. Voor je het weet, kopen die mannen een dure auto, nemen ze haarimplantaten en switchen ze van baan. Met een beetje pech laten ze ook nog hun vrouw in de steek voor een ten dode opgeschreven affaire.

De waarheid? Natuurlijk zijn er midlifers die vastlopen, maar heeft dat echt te maken met hun levensfase? Ook mensen van andere leeftijden lopen weleens vast. Dat noemen we alleen niet iets als bijvoorbeeld ‘kwartlevencrisis’ of ‘tweederderamp’. Onderzoekers van de Zwitserse Universität Zürich ploeterden zich in 2009 door talloze studies over de midlifecrisis, om te concluderen dat we niet heel veel met de term kunnen. Wanneer die midlife begint en eindigt is bijvoorbeeld al allesbehalve duidelijk, net als welke klachten er precies bij komen kijken. Onderzoeken wat een levensfase met mensen doet, kan best nuttig zijn volgens de onderzoekers, maar de term midlifecrisis stelt niet zoveel voor. Vergeet hem dan ook maar, of vertel iedereen dat hij niet bestaat.

Mythe 3: mannen denken elke zeven seconde aan seks

Geconcentreerd nadenken is voor een man best uitdagend. Voor je het weet komt die ene gedachte weer tussendoor. Neuken. Elke zeven seconden zelfs, dat is althans het verhaal. Een goede bron lijkt dit weetje niet te hebben, maar het laat zich wel makkelijk doorvertellen. Als het klopt, zouden mannen zo’n 8000 keer per dag aan seks denken.

De waarheid? Soms bestaat wetenschap simpelweg uit tellen. Onderzoekers van Ohio State University (VS) gaven 283 studenten in 2012 een tellertje mee. Elke keer als ze aan seks dachten, moesten ze daarop drukken. Na een week kon de balans worden opgemaakt. De jonge mannen in de studie dachten negentien keer per dag aan seks, de vrouwen tienmaal. Mannen denken dus regelmatig aan seks, en vaker dan vrouwen, maar zeker niet even vaak als ze ademen. Zelfs de negentien keer is waarschijnlijk overdreven. De jongeren liepen de hele dag rond met een seksgedachtenmeter. Elke keer als ze dachten: waar is dit tellertje ook alweer voor?, dwaalden hun gedachten alweer af in de richting van het oudste spelletje ter wereld.

Mythe 4: in arme landen zijn mensen heel gelukkig

Je hoort het reizigers vaak zeggen. Ze zijn op wereldreis geweest en terechtgekomen in een straatarm land, maar hebben daar ook echt iets van opgestoken. Want die mensen daar, die hebben niet veel, maar zijn toch zó vrolijk! Dat zou inspirerend moeten werken voor ons verwaande westerlingen. Wij hebben vrijwel alles, maar zijn toch vaak ongelukkig. We kunnen dus een voorbeeld nemen aan onze armere medemens.

De waarheid? Geluk meet je niet af aan de breedte van de glimlach van je taxi-chauffeur. Grootschalige studies vinden wel degelijk een verband tussen armoede en levensgeluk, maar dan in ons voordeel. In armere landen zijn mensen minder gelukkig dan in rijke landen. Een overzichtsstudie uit 2000 zag bijvoorbeeld dat het geluksniveau in rijkere landen hoger ligt dan in arme landen. Ook binnen landen maakt geld tot op zekere hoogte gelukkig. Dat bewoners van ontwikkelingslanden vrolijk glimlachen als jij in je terreinwagen langsscheurt doet daar weinig aan af.

Is er dan helemaal niks waar van zulke vluchtige indrukken? Misschien wel íets, bleek uit een studie uit 2009 (University of Illinois, VS). Daarbij keken onderzoekers naar mensen in de allerslechtste posities, bewoners van de sloppenwijken in Calcutta, India. Die waren minder gelukkig dan hun rijkere landgenoten, maar ook weer niet diep ongelukkig. Ondanks hun positie wisten zij er toch nog best wat van te maken, constateren de onderzoekers, vooral door te focussen op sociale relaties.








Is het belangrijk om 's ochtends te ontbijten?

 

Is het belangrijk om 's ochtends te ontbijten?

Geen enkele maaltijd is zo belangrijk als je ontbijt, zo wordt weleens gezegd. Is ontbijten echt zo goed voor je?

Moet je 's ochtends ontbijten?
door Quest NL

Niet alle Nederlanders eten 's ochtends een ontbijtje. Volgens cijfers van het                ksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu ontbijt vijf procent van de vrouwen             en zeven procent van de mannen zelfs nooit. Als we iets eten, is de kans groot dat daar zoetigheid bij zit. Maar liefst dertig procent van het suiker en snoepgoed dat we op een dag binnenkrijgen, wordt tijdens het ontbijt gegeten. Lang leve de hagelslag en  Zoete cornflakes.

Schoolprestaties gaan erop vooruit als kinderen ontbijten

Dat een ontbijtje goed voor ons is wordt al langer gezegd, maar                             volgens onderzoekers van Cardiff University (VK) gaan zelfs je prestaties erop vooruit. Zij publiceerden in 2015 een onderzoek onder ruim 5000 schoolkinderen        (negen tot elf jaar oud) van honderd verschillende Engelse basisscholen.                     Zij werden naar hun eetgewoontes gevraagd, en of ze in de afgelopen                           24 uur hadden ontbeten.

This content is imported from {embed-name}. You may be able to find the same content in another format, or you may be able to find more information, at their web site.

Niet alleen bleek het van belang óf de kinderen ontbijt kregen, maar ook wat              de kwaliteit van dat ontbijt was. Hoe beter de kwaliteit, hoe hoger de kinderen            scoorden op school. In sommige gevallen scoorden de ontbijtende leerlingen            zelfs twee keer zo hoog als de leerlingen die niet ontbeten.

Ontbijt is goed voor je mentale welzijn

Ook voor mensen die niet langer naar de basisschool gaan blijkt het                              ontbijt een waardevolle toevoeging aan de dag. In een Zuid-Afrikaanse studie uit 2020   kregen ruim 21.000 studenten uit 28 verschillende landen een flinke vragenlijst  voorgelegd. Zo moesten ze vragen beantwoorden over hun dieet, gewicht,  ontbijtgewoontes, roken, tandenpoetsen, gevoelens van eenzaamheid,       en nog veel meer.

Na alle antwoorden geanalyseerd te hebben, konden de onderzoekers meerdere conclusies trekken. Zo scoorden de studenten die geen ontbijt namen lager op school, en zaten ze minder goed in hun vel. De onderzoekers zagen een link tussen niet-ontbijten en verschillende (mentale) problemen, zoals slaapproblemen, depressieve buien, en slechte mondhygiëne.

Je hersenen hebben brandstof nodig

Dat je je zo naar voelt als je niet ontbijt, komt waarschijnlijk door een gebrek aan brandstof. Je hersenen hebben glucose nodig om te functioneren, en die stof haal je vooral uit voeding. Als je al een tijdje niks gegeten hebt, zakt je bloedsuikerspiegel. Je brein krijgt dan niet genoeg energie, en werkt op een lager pitje. Je kunt ook heel chagrijnig worden als je te lang niks gegeten hebt.

Nog een reden om wel te ontbijten: de studenten die aangaven wel tijd te maken voor een ontbijt, kozen de rest van de dag vaker voor gezond eten. Dat is in lijn met eerder onderzoek. Wie moeite heeft met ongezonde verleidingen te weerstaan, moet vooral z'n ontbijt niet overslaan.

dinsdag 6 juli 2021

Waarom niksen niet helpt tegen vermoeidheid (maar dit wel) + De Pomodoro techniek

 

Waarom niksen niet helpt tegen vermoeidheid (maar dit wel)

Hoe komt het toch dat we sommige dagen doodmoe zijn na onze werkdag en andere dagen niet? Het antwoord ligt ergens tussen minder multitasken en meer beweging in. Gelukkig zijn de oplossingen relatief simpel, je moet het alleen even weten...






Hoe kan het dat we vaak aan het eind van een werkdag te moe zijn om nog te sporten of uitgebreid te koken? Terwijl we fysiek die dag eigenlijk helemaal niet zo actief zijn geweest, en vooral (achter de computer) hebben gezeten. Dat komt doordat kantoorwerk ons niet zozeer fysiek uitput, maar mentaal.

Wat betekent mentale oververmoeidheid?

Mentale oververmoeidheid wordt gekenmerkt door andere symptomen dan fysieke vermoeidheid. Zo hebben mensen die mentaal oververmoeid zijn volgens de Hersenstichting vaak moeite zich te concentreren en zijn ze sneller afgeleid. Ook hebben ze een korter lontje en moeite om belangrijke beslissingen te nemen. En als laatste dus inderdaad weinig energie om naast het werk nog te sporten of andere dingen te ondernemen. Hierdoor wordt mentale vermoeidheid vaak verward met fysieke vermoeidheid. Verschil: het helpt bij fysieke vermoeidheid wél om even bij te komen met een avondje Netflix of een weekendje relaxen, maar mentale uitputting vereist een andere aanpak.

Mentale vermoeidheid voorkomen

Om ’s avonds niet helemaal als een couch potato in elkaar te zakken is het belangrijk zoveel mogelijk oorzaken van stress weg te nemen tijdens de werkdag, zodat je hersenen niet overwerkt raken. Maar wat veroorzaakt nou precies die overprikkeling? Het antwoord is: multitasken. We denken dat we dat kunnen, maar eigenlijk valt dat tegen. Neuropsychiater Theo Compernolle beschrijft dit in zijn boek Zo haal je meer uit je brein. Ons brein is eigenlijk niet geschikt om veel informatie tegelijk te verwerken. Als het dit wel moet doen werkt het minder goed. Wanneer we tijdens ons werk gestoord worden door collega’s, onze telefoons, pushmeldingen, binnenkomende e-mails, geluiden of social media, raakt het overprikkeld.

Tips

Gelukkig zijn de oplossingen hiervoor relatief simpel:

  • Zet meldingen en (sommige) geluiden van telefoon, social media en e-mail standaard uit (of stil).
  • Gebruik een geluidsdichte koptelefoon tijdens taken waarvoor concentratie nodig is of zoek een rustige werkplek op.
  • Moeilijke klus? Ga twee uurtjes offline en focus op die ene taak.
  • Zorg dat het duidelijk is of collega’s wel/niet kunnen storen.
  • Neem pauzes zodat je brein tot rust kan komen: loop een rondje, haal thee, of kijk simpelweg even uit het raam.
  • Maak een taak af, voordat je aan een volgende (nieuwe) taak begint. Vind je dat lastig? Gebruik de Pomodoro techniek.

Toch mentaal oververmoeid? Probeer dan dit

We weten allemaal hoe verleidelijk het is om na een lange, stressvolle dag met een afhaalmaaltijd voor de televisie te ploffen om te ‘ontspannen’. Toch is dit precies wat we niet zouden moeten doen volgens neuro-wetenschapper Erik Scherder. Om stress en mentale uitputting tegen te gaan, is het namelijk belangrijk om de Hippocampus en de frontale lob te stimuleren. En dit gebeurt onder andere door beweging, het luisteren van muziek en genoeg slaap, zoals hij uitlegt in dit interessante mini-college. In plaats van lusteloos een serie kijken, kunnen we dus beter een muziekje opzetten en een fijne avondwandeling maken. Daarna op tijd onder de wol en we kunnen er mentaal weer helemaal tegenaan.


De Pomodoro techniek: hoe kleine pauzes je productiever maken

 

tomaten

Tijd is geld. Iedere minuut telt. Zo is het, punt! En dus ga je stevig aan de slag. Je werkt stug door maar drie uur later heb je niet af wat je af wilde hebben. Je bent wel zo gaar als boter en je lijf doet aan alle kanten zeer :-(

Dat is hartstikke vervelend. Op die manier wordt werken wel heel zwaar. Gelukkig kan het anders. Met de pomodoro techniek bijvoorbeeld. Die heb je zo onder de knie en kan je echt helpen productief te zijn zonder roofbouw op jezelf.

Pomodoro = 25 minuten werken + 5 minuten pauze

De pomodoro techniek is een makkelijk toepasbare methode om slim met je tijd en energie om te gaan. Dat doe je door in pomodoro’s te werken. Zo’n pomodoro bestaat dan uit 25 minuten werken en een pauze van 5 minuten.

pomodoro

Je werkt 25 minuten onafgebroken, gefocust en geconcentreerd aan één taak. Je bedenkt van tevoren goed wat je precies gaat doen en laat je 25 minuten lang niet afleiden, maar werkt alleen maar. Daarna neem je een pauze van 5 minuten.

Die werk- en pauzetijd baken je duidelijk af met een ouderwetse kookwekker. Je kunt natuurlijk ook andere instrumenten gebruiken om je werk- en pauzetijden in te stellen. Een app, of een timer op je mobiel of computer bijvoorbeeld. Maar een kookwekker heeft bij het instellen van de tijd meteen al iets magisch ;-)

Voordelen van de pomodoro techniek

Voor veel mensen is 25 minuten een fijn blok om te werken. Je werkt een korte tijd heel geconcentreerd en gefocust. Die tijd is lang genoeg om in flow te komen, maar aan het eind van die 25 minuten heb je nog steeds de gang erin. En soms nog helemaal geen zin in pauze :-)

Na 25 minuten neem je een pauze van 5 minuten. Ook al was je nog lekker aan de slag, je stopt onmiddellijk na afloop van die 25 minuten. In die korte pauze doe je iets simpels en gun je je brein rust. Even in beweging komen werkt daarvoor hartstikke goed.

Zodra de 5 minuten pauze afgelopen is, ga je meteen weer aan de slag. Je zult merken dat je na die 5 minuten heel makkelijk verder kunt gaan met je werk. Vaak heb je na zo’n pauze nieuwe inspiratie of een goed idee.

Je productiviteit krijgt een boost. Door korte tijd heel geconcentreerd te werken en daarna even pauze te nemen kun je veel productiever zijn. Door duidelijk te bedenken wat je gaat doen voor je aan een pomodoro begint, baken je ‘vanzelf’ de tijd af.

De tijdseenheid is makkelijk om mee te rekenen. Een pomodoro (werk + pauze) is steeds 30 minuten. In je agenda en planning is die 30 minuten reuzehandig. Maar ook als je voor je werk moet tijdschrijven werkt 30 minuten vaak fijn. Die korte pauze hoort dan gewoon bij je werk.

De menselijke maat

Volgens de techniek zijn pomodoro’s ondeelbaar. Je ‘moet’ dus 25 minuten onafgebroken werken. Voor sommige mensen (bijvoorbeeld als je weer begint met werken na een burn-out of als je last hebt van RSI) is 25 minuten onafgebroken en geconcentreerd werken te lang.

In zo’n geval is het slimmer om een pomodoro te bedenken die wel werkt voor jou. Dat is veel fijner dan elke keer weer te merken dat 25 minuten onafgebroken werken nu gewoon te lang is voor je en je pomodoro keer op keer mislukt. Begin dan bijvoorbeeld met 10 minuten werken en 5 minuten pauze. Gaandeweg kun je steeds langer achter elkaar werken.

De techniek gaat verder uit van 4 pomodoro’s achter elkaar voor je een langere pauze (half uur) neemt. Mijn ervaring is dat op die manier werken minder fijn is voor je ultradiane ritme.

3 pomodoro’s achter elkaar gevolgd door een pauze van 15 à 20 minuten werkt voor de meeste mensen beter. Daar kun je zelf mee experimenteren, waarbij je natuurlijk ook moet kijken wat in jouw werksituatie het meest praktisch is.

Experimenteer

Experimenteer eens met de pomodoro techniek. Begin bijvoorbeeld met 1 of 2 pomodoro ‘s op een dag en merk het verschil.

© Albertine ‘t Hoen

NB De pomodoro-techniek is bedacht door Francesco Cirillo en omvat nog meer dan alleen in 25/5 blokjes werken.